Cookies accepteren

Wij zijn wettelijk verplicht om je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies en je hier over te informeren.

Zonder cookies kunnen niet alle onderdelen van onze website functioneren. Daarom is het helaas niet mogelijk om onze website te bezoeken als je geen cookies accepteert.

Cookies accepteren

Wat zijn cookies?

Cookies zijn kleine bestandjes die informatie over sitebezoek bevatten. Deze bestandjes worden op je computer geplaatst en zijn veilig. Ze kunnen nooit worden gebruikt om privégegevens van je computer uit te lezen of om wachtwoorden te onderscheppen. Cookies zijn ook niet in staat om een computer te infecteren met een virus. Bijna elke website gebruikt deze kleine bestandjes.

Lees meer

Wij gebruiken cookies voor:

Klik hier voor meer informatie over cookies.

Blog | Zo'n goeie hebben wij nog niet gehad

Door Lindi van Beest op woensdag 17 juni 2015

Ze zijn er weer; de dierenplaatjes van onze grootgrutter. Natuurlijk wordt er in Huize van Beest driftig gespaard. Nog niet eerder gingen de kinderen zo graag mee boodschappen doen. Nou ja…tot voor de winkel dan. Want daar nemen ze graag hun positie in. Om vervolgens allervriendelijkst andere klanten te vragen of zij hun zojuist gekregen dierenplaatjes willen delen. En dat doen ze… Het is vrijdagavond. Jeroen komt terug van het doen van de weekboodschappen. De jongste twee komen enthousiast naar binnen. ‘We hebben er veel!’ is de luidruchtige boodschap van zoonlief (6). Hij doelt duidelijk niet op de enorme hoeveelheid boodschappen, die Jeroen net naast de auto zet. De dierenplaatjes worden neergelegd, waarna het uitzoeken meteen begint. Het zijn er veel en ik help de kinderen een handje met sorteren. Jeroen denkt dat de kinderen vandaag niet meer toekomen aan het opplakken van de plaatjes. Ah…jammer vind ook ikzelf; ik kan me nog herinneren dat ik vroeger heel af en toe een pakje Panini plaatjes kreeg. Hoewel ik er heel blij mee was, was het feest pas echt compleet bij een ‘echt’ boek om de plaatjes in te plakken. Ik help de kinderen graag een handje om – oké, voor één keertje dan – na het doucheritueel op bed nog wat plaatjes te plakken. De kinderen zijn in een mum van tijd gedoucht  (ook een neveneffect..) en klaar voor het plakken. We hebben snel een systeem; ik haal de velletjes van de stickers af, dochter en zoon mogen om de beurt een sticker plakken. Het gaat eigenlijk best goed, de kinderen kunnen vlot doorplakken. Dan verzucht zoon: ‘zó’n goede moeder heb ik nog nooit gehad!...je kan het echt goed, mam…!’. Ik glimlach; heerlijk kind. En toch raakt deze opmerking-uit-het –hart een gevoelige snaar; ben ik wel zo’n goede moeder?  Natuurlijk, ik zie onze kinderen als een geschenk van God en het moederschap als een opdracht, waaraan ik toegewijd gehoor mag geven. Dat probeer ik ook, elke dag opnieuw. Maar het mislukt ook zo regelmatig, elke dag opnieuw. Goed moederschap. Er is zoveel over gezegd en geschreven. In een vlugge screening van het internet vind ik zelfs een test, waarin je kunt nagaan of je een goede moeder bent…of niet. Maar in het laatste geval geen nood: de schrijver van een artikel geeft tips om een goede moeder te zijn:  ‘houd onvoorwaardelijk van je kinderen, respecteer hen, heb geduld, geef hen het goede voorbeeld en leer hen dat alles mogelijk is.’  Het is soms lastig om hier niet op af te gaan, en een andere Koers te volgen. In het woud van tips en trucs zou ik me bijna af laten leiden van de Basis. Een goede moeder zijn, ik wil het zo graag. Voor onze kinderen, voor Jeroen, voor God. Meer nog dan het internet heeft de Bijbel juist ook iets te zeggen over het moederschap, besef ik weer. Ik lees Titus 2, waar wordt gesproken over de oudere vrouwen die de jongere vrouwen moeten voorhouden dat ze hun man en kinderen moeten liefhebben. Het Griekse woord  ‘phileoteknos’, dat in de Bijbel alleen in deze tekst voorkomt, beschrijft een bijzonder soort moederliefde: ‘de voorkeur geven aan onze kinderen, voor hen zorgen, hen opvoeden, hen liefdevol omarmen, in hun behoeften voorzien en met elk van hen op tedere wijze bevriend raken, omdat zij uniek door God geschapen zijn’. Zo mogen we van hen houden, zodat (Titus 2:5)  het Woord van God in ere wordt gehouden. Het accent ligt hier op God, onze Hemelse Vader. Hoewel ik mijn verantwoordelijkheden heb, gaat het dus niet om mij. Wat een geruststelling. We mogen naast, nee vóór alle praktische zorg, onze kinderen aan Hem opdragen. Hij zorgt voor onze kinderen. Daar waar ik als moeder tekortschiet, is Zijn oog op hen, en gaat Zijn liefdevolle hart naar hen uit.  Zo’n Goede Vader hebben we altijd al gehad…!

Overige blogs