Cookies accepteren

Wij zijn wettelijk verplicht om je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies en je hier over te informeren.

Zonder cookies kunnen niet alle onderdelen van onze website functioneren. Daarom is het helaas niet mogelijk om onze website te bezoeken als je geen cookies accepteert.

Cookies accepteren

Wat zijn cookies?

Cookies zijn kleine bestandjes die informatie over sitebezoek bevatten. Deze bestandjes worden op je computer geplaatst en zijn veilig. Ze kunnen nooit worden gebruikt om privégegevens van je computer uit te lezen of om wachtwoorden te onderscheppen. Cookies zijn ook niet in staat om een computer te infecteren met een virus. Bijna elke website gebruikt deze kleine bestandjes.

Lees meer

Wij gebruiken cookies voor:

Klik hier voor meer informatie over cookies.

Blog | Zie je, ik zei het toch… een vrouw

Door Annette Otto-Nales op donderdag 25 maart 2021

Ik word wakker en loop de trap af. De kinderen spelen samen vader en moedertje. Ik hoor mijn zoon zeggen: “Ik ben dan de vader en ik wil een toetje.” Inwendig moet ik lachen; hij speelt zijn vader goed na.

Kinderen leven naar voorbeeld. We horen het zo vaak en we proberen er rekening mee te houden. We zeggen geen lelijke woorden en proberen steeds weer een goed voorbeeld te zijn. Maar al doen we nog zo ons best, we kunnen geregeld ook goed de mist in gaan.

Daar zit ik, samen met mijn zoon in de auto. We rijden de snelweg op. Verplicht 100 rijden, het is niet iets waar ik makkelijk aan wen maar het zal wel moeten. We rijden op de linker- baan en er komt een auto voor ons rijden. De auto die wij wilden gaan inhalen. Het duurt nog even voordat er een andere snelweg bij komt, maar deze auto wil er wel bijzonder vroeg bij zijn. Met een gangetje van 95 rijdt hij voor me. Ik zeg niets, maar ik baal er wel van. Wat ik denk is niet erg bemoedigend. Naast mij hoor ik mijn zuchtende zoon die zegt: “Nou, chop chop, rij eens door. Zal wel weer een vrouw zijn of een bejaarde.”

Ik twijfel geen seconde eraan dat hij deze opmerking van mij heeft. Mijn man is een rustige rijder die zich zelden druk maakt om andere bestuurders. En om eerlijk te zijn verwoordde mijn zoon wat ik op dat moment dacht.

Nee, ik ben zeker niet het beste voorbeeld voor mijn kinderen. Nu was mijn Voorbeeld ook heel duidelijk tegen farizeeërs. Er was geen twijfel over hoe Jezus dacht over religie. Nu is duidelijk zijn één ding, maar de manier waarop is een tweede. Als het gaat om taalgebruik heb ik nog wel een weg te gaan. Maakt mij dat een slechte moeder? Nee, dat geloof ik niet.

Een voorbeeld zijn voor je kinderen ben je op vele gebieden. Al heeft het geen zin om je kinderen te leren vergeven als je dat zelf nooit doet. Het heeft geen zin om je kinderen te leren delen als je zelf niet deelt. Woorden hebben lang niet zoveel kracht dan het voorbeeld wat je je kinderen geeft.

Het heeft voor mij daarom geen zin om mijn zoon aan te spreken op hetgeen hij heeft gezegd; hij leeft naar mijn voorbeeld. Het enige wat ik kan doen is mijn manieren aanpassen en een beter voorbeeld voor hem zijn.

Op de beste manier mogelijk begin ik mijn pleidooi over hoe er ook vrouwen en bejaarden zijn die goed kunnen rijden. Dat het een vooroordeel van mij is en dat het niet netjes is van mij. Dat ik zal proberen het niet meer te zeggen en ik maak mijn excuses dat ik hem dat heb geleerd. Mijn zoon laat weten mij begrepen te hebben. Gelukkig denk ik, ook weer opgelost en nu mijn best doen het goede voorbeeld te geven. Wat is aangeleerd, kan ook afgeleerd worden.

We rijden verder. Als we de desbetreffende auto verderop inhalen, kijkt mijn zoon naar rechts naar de bestuurder: “Zie je, ik zei het toch.”

Overige blogs